Op vrijdag 10 april vond de feestelijke opening en inzegening plaats van Peelwachter in Ospel. Met deze bijzondere gebeurtenis werd een belangrijke mijlpaal bereikt na jaren van ontwikkeling en realisatie.
Initiatiefnemer Rian Schonkeren van Kets-Maantje BV benadrukte het belang van dit moment: “De officiële opening biedt de gelegenheid om stil te staan bij het proces, de behaalde mijlpalen en de waardevolle samenwerkingen die dit project mogelijk hebben gemaakt. Met deze ceremonie markeren we de overgang van ontwikkeling en bouw naar de uiteindelijke functie van Peelwachter.”
Bewoners voelen zich thuis
Het moment van de opening was zorgvuldig gekozen. Alle 21 woningen zijn inmiddels verhuurd, bewoners hebben hun plek gevonden en voelen zich thuis. Ook de gemeenschappelijke ruimte ‘de Peelkamer’ is volledig in gebruik genomen en het omliggende groen is afgerond, waardoor Peelwachter nu echt als geheel tot zijn recht komt. De Peelkamer is voor bewoners maar kan ook door externe partijen worden gereserveerd via deze website.
Klaar voor de toekomst
Na een warm welkomstwoord van ceremoniemeester Sjef Geuns volgde de officiële openingshandeling. Burgemeester Birgit Op de Laak onthulde een gedenksteen bij de ingang. Aansluitend verzorgde pastoor Koumans de inzegening van Peelwachter. De feestelijke bijeenkomst werd afgesloten met een gezellig samenzijn, waarbij genodigden konden genieten van hapjes en drankjes verzorgd door Super Bros. De muzikale omlijsting was in handen van zangduo Mieke en Petra Crins. Met deze geslaagde opening is Peelwachter klaar voor de toekomst als een waardevolle toevoeging aan de gemeenschap van Ospel.
Verhalenzolder
Een bijzonder onderdeel van Peelwachter is de verhalenzolder. Bezoekers maken daar kennis met ‘Piet Peelwachter’, die lokale verhalen verzamelt en vertelt. De Verhalenzolder is uitsluitend op afspraak te bezoeken voor groepen vanaf tien personen. Reserveren kan via deze website.
Online is een video beschikbaar van het project Van start tot oplevering! (klik op de link hiernaast)
Foto’s: Marcel Leën




